www.tegrazen.nl

een zomer vol gemekker … berichten uit Friesland

runaway bride


   09 jul

runaway bride

Niet lang geleden werd ik als schaapherder gevraagd om met mijn kudde het Vikingfestival in Noordwolde op te sieren. Ik leek toch in de buurt te zijn en zei ja, omdat ik wel van vikingen houd.
Eerst dacht ik dat ik bij de recreatieplas mocht komen grazen, vlak bij het voor drie dagen opgeslagen tentenkamp van de weekendvikingen, maar bij aankomst in het dorp bleek al snel dat ik in een strookje gras langs de aanrijroute was gedacht.
Omdat mijn kudde een rondtrekkende schaapskudde is was ik in de tussentijd al weer een eind van Noordwolde afgezworven. Inmiddels stonden we ongeveer twintig kilometer verderop in Oosterwolde, in een keurig woonwijkje de slootkanten leeg te grazen. Dat maakte dat ik ’s ochtends vroeg op goed geluk 8 schapen in een piepklein wagentje had geladen. Nog net op tijd kon ik Twiggy er weer uit trekken, die er natuurlijk als eerste was ingesprongen, omdat haar lammetjes niet meekonden. Dat zou naarmate de dag vorderde een hoop gemekker hebben opgeleverd. In een zelfgemaakte vikingjurk, waarvan de stof een chique linnen broek was geweest die ik de dag ervoor met veel stress had omgebouwd, en twee folkloristische vikingvlechten in het haar, streek ik neer tussen de moderne ijzeren dranghekken op mijn stukje gras.
Ik begon me al snel knap eenzaam te voelen. Op een paar mensen uit de buurt na kwam er niemand voorbij. Het veldje was te klein voor een demo met de honden, de kudde te klein om op te vallen.
In de verte klonk het draaiorgel, dat naast de grote opblaasspringkoe was neergezet. Vanaf de andere kant kwam de geur van versgebakken vikingfrietjes. Daar stond ik dan, authentiek te wezen.
Om enigszins vrolijkheid in het geheel te brengen besloot ik om naar de recreatieplas te lopen. Herders zijn nu eenmaal rondtrekkende wezens, zeker in de vikingtijd.
Mijn schaapjes waren nog niet helemaal op elkaar ingespeeld. Normaal hebben ze elk hun eigen plek in de kudde. Nu stonden ze ineens naast een wildvreemd schaap onder zeer bedreigende omstandigheden, iets wat voor een schaap genoeg is om op hol te slaan.
Toen ik mijn dranghek dan ook opende om naar buiten te stappen drong de minikudde zich een weg langs me heen en splitste bij de ingang van de commerciele jaarmarkt, waarbij de schuwsten het op een lopen zetten de woonwijk in en de wat tammeren een kijkje in de winkelstraat probeerden te nemen. Gelukkig had Muis haar dag. Met een vaartje haalde ze de vluchtende schapen terug, nam achter me langs ook de winkelende dames mee en ineens liepen we rustig met zijn allen door een zijstraat om te wennen aan onze nieuwe samenstelling.

Een lieve familie loodste me door het bos naar de Spokeplas waar het echte vikinggebeuren plaats vond. Van verre kon je de kampvuurtjes al ruiken en de behaarde brede mannen met leren voorschoot ook. Mijn schapen waren inmiddels aan elkaar gewend en vermaakten zich opperbest. Tussen de kramen stond genoeg te eten zodat ik zelfs tijd over had om af en toe eens een praatje te maken met een koopman van spintolletjes of een malieënkoldersmid. Het was een leerzame tocht.
Net voordat ik aan de honingmede wilde beginnen herinnerde ik me dat ik verwacht werd om mee te lopen in de stoet van de Vikingbruiloft die door het commerciele stuk van de markt liep.
We waren maar amper op tijd terug op onze plek. Nauwelijks tussen mijn dranghekken kwam de bruiloftstoet al in het zicht. Er was een orkest met middeleeuwse klanken, kooplui met mandjes, een kar met paarden ervoor waarin de bruid, een verklede menigte met bontvellen en achteraan een groep mensen die geschminckt waren alsof ze de pest en typhus tegelijk hadden. Hoe die in de bruiloft pasten begreep ik niet helemaal, maar het was de bedoeling dat de schapen zich achter deze groep aansloten in de tocht.
Mijn schapen hadden weinig moeite met de pestlijders.
Al snel liepen ze gezellig tussen de geel en rood gevlekte strompelaars. En niet veel later ervoor. Vervolgens passeerden ze wat opdringerig de mensen met de mandjes, de kar met het paard en daarna de bontvelmensen.
Hun tempo wilde zich niet zo aan de stoet aanpassen.
Eenmaal tussen het orkest bleven ze wat hangen. Het zal met het franstalige vikingdeuntje te maken hebben gehad, wat over wijn, wijn en nog meer wijn ging en heel gezellig klonk. Ik floot Muis om hulp maar die liep klaarblijkelijk nog tussen de pestlijders want ze kwam niet en mijn hulpfluitje verwaaide in de klanken van het middeleeuwse orkest. Ik begon het een knap spannende aangelegenheid te vinden.
Nadat we de muziek gepasseerd waren stonden we ineens vooraan in de stoet, geflankeerd door twee als beul verklede vaandeldragers. In de verte zag ik op het podium een brede harige viking in bruiloftstenue staan grijnzen.
Ik kreeg het benauwd. Voor ik het wist zou ik wel eens voorgoed in de echt kunnen zijn verbonden met dat Vikingmens.
Uit het niets dook Muis op.
Schielijk keek ik opzij om te zien of de beulen opletten, en toen ik zag dat er eentje bezig was om zijn vaandel uit een boomkruin te trekken zijn we snel een zijstraat ingeglipt. Daarna zijn we maar veilig tussen de dranghekken gebleven.

You can skip to the end and leave a response. Pinging is currently not allowed.

Laat een bericht achter