www.tegrazen.nl

een zomer vol gemekker … berichten uit Friesland

zwart schaap: avondverhaaltje


   04 jul

zwart schaap: avondverhaaltje

Het was de hele dag warm geweest. Om niet te zeggen: heet.
In de ochtend lukte het om nog wat te grazen, maar toen de zon begon te schroeien gingen we dicht bijelkaar staan, in onze eigen schaduw, zoals schapen doen als het te warm is om te grazen, en we aten geen spriet meer. Je zag de herder zuchten. Voor de vorm moesten er met een snoeischaar nog wat boompjes kort. Dat was eigenlijk onze taak maar daar hadden we overduidelijk geen zin meer in. Niet veel later gaf ook de herder het op.

Terug in de wei werden we naar een koele plek onder de bomen gebracht. Gek, daar hadden we zelf nog niet aan gedacht. We waren al weer dicht op elkaar midden in de wei gaan staan. Een schaap aanvaardt het lot zoals het komt, en daar is het trots op.
Met onze overvol gestouwde magen was het onmogelijk om niet te dommelen. Maar zelfs als we niet zo snel in slaap waren gevallen hadden we achter die bomen toch niet gezien dat de herder het schapennet verzette.
Een heerlijk stuk sappig vers gras kregen we er ongemerkt bij. Als we het geweten hadden waren we natuurlijk niet gaan slapen. Eten is eten, zelfs als je overvol zit. Als het maar niet op de hei hoeft.
Maar goed, we vielen dus in slaap en lieten onze magen werken.

Het werd avond en door het wegvallen van de maaiende trekkers kon je ineens de kikkers horen zingen.
We werden een voor een wakker, rekten, plasten en keutelden wat en dwarrelden naar onze vertrouwde graasgronden.
Alleen het zwarte schaap lag nog onder de boom. Die hadden we onfatsoenlijk veel zien eten die ochtend.

Aagje ontdekte het nieuwe stuk het eerst. Zoals meestal.
Ze mekkerde zachter dan anders, misschien nog zonder boos opzet, om de avondstilte niet te verstoren, maar nu zagen we onze kans. Stilletjes gaven we het seintje door. Met kleine ingehouden mekkertjes. En slopen toen ongezien met zijn allen het hoge malse gras in.

Toen het zwarte schaap waker werd was er niemand meer te zien.
Meestal word een schaap gewekt doordat er iemand over hem heen begint te springen, of er een vrachtje keutels op z’n neus valt.
Niets van dat alles was gebeurd. Het zwarte schaap zag alleen platgetrapte slaapkuiltjes.
Zoekend keek ze om zich heen.
In de verte stond het busje van de herder, maar herders zijn niet te vertrouwen als je je kudde kwijt bent. Dat weten alle schapen.
De herder stond al te loeren, of misschien leek dat maar zo.
Beeeh! riep het zwarte schaap ongerust. Beeheeeh!
Dat hielp altijd in noodgevallen.
Maar nu niet.
Het bleef oorverdovend stil. Alleen die rotkikkers.
Ongerust begon ze door de wei te springen. Beeeh, Beheh!
In de oude graasgronden vol uitgebloeide zuring…niemand. Langs de sloot met sporen van een onvrijwillige zwempartij. Ook niemand. Het brandnetelstukje…Niets.
Beh! Beheheeeh! Geef antwoord! Ik ben hier!

Helaas…het zwarte schaap had geen vriendinnen in de kudde. Er was niemand die uit gewoonte haar roep beantwoordde.
We stonden achter de hoge rietkraag en hielden ons muisstil. Zo stil als alleen een kudde kan zijn die een gemene streek uithaalt.
Maar het gras was te lekker. Een voor een werden we er naartoe gezogen en zonder dat we het konden tegenhouden begonnen we volmondig te grazen.
Zo kwam het dan ook dat een van ons begon te knorren. Dat moet een schaap nu eenmaal als iets erg lekker is.
Hapje! Natuurlijk!
We keken op om te zien waar die verrader was, en daardoor staken al onze koppen boven de rietkraag uit.

Het zwarte schaap zag dat onmiddelijk. Met een sprintje voegde ze zich bij de kudde en zonder iets te zeggen zette ze de tanden in het verse gras.
Stil graasden we verder, nu weer met zijn allen. Met die typisch ondoorgrondelijke blik die een schaap zo eigen is.

You can skip to the end and leave a response. Pinging is currently not allowed.

Laat een bericht achter